Over aanjagers, verbinders, helpers en bouwers

Een community bouw je het liefst met een team. Je hoeft niet overal goed in te zijn, want ieder heeft zo zijn eigen specialiteiten. Daarbij is het handig als je verschillende kwaliteiten in je team hebt, die elkaar aanvullen en versterken. Welke rollen zou je kunnen onderscheiden en welke kwaliteiten horen daarbij? En heb je een professional nodig om de community op te bouwen?

Als community builder word ik vaak gevraagd om een community op te bouwen. Ik ga dan eerst op zoek naar bewoners in de gemeenschap die mee willen bouwen. 
Het community building team bestaat uit mensen die zich bezig houden met het proces en niet met de inhoud. Ze zijn vooral bezig met het opsporen van talenten en kwaliteiten en het leggen van verbindingen. De basis wordt gevormd door de aanjagers en verbinders. Zij verzamelen weer anderen om zich heen die willen helpen om de community te versterken.

Herken je jezelf in een of meer van onderstaande rollen?

Verbinders zijn handig in het leggen van contacten en het maken van verbindingen. Ze kennen iedereen in de buurt of kunnen snel een nieuw netwerk opbouwen. Ook zijn ze goed op de hoogte van initiatieven die plaatsvinden en organisaties in de buurt. Ze hebben altijd hun oren en ogen open. Als je met hen praat over je ideeën krijg je al snel te horen: ‘Ben je daar al geweest? Heb je al met die en die gepraat?’ 
Aanjagers en gangmakers houden er van iets nieuws op te starten. Ze komen zelf met een idee of zijn de eersten die op jouw idee reageren met: Yes, dat gaan we doen! Ze zijn niet alleen geneigd tot actie maar denken ook strategisch hoe je iets aan kan pakken. Waar willen we naar toe en wat is dan de eerstvolgende stap? Ze zijn creatief en innovatief en houden van brainstormen. 
Coördinatoren houden ervan om dingen te regelen en te organiseren. Ze plannen bijeenkomsten, maken checklijstjes, beantwoorden de mail en ondersteunen het team.
Energizers zorgen voor reuring. Ze hebben een aanstekelijk enthousiasme en kunnen daardoor ook anderen stimuleren. Ze werken als een magneet en kunnen helpen om nieuwe mensen te betrekken en de community uit te breiden.
Helpers en bouwers houden van concrete klussen. Reuze handig als er iets gemaakt of geregeld moet worden. Niet lullen maar poetsen.
Gastheren/-vrouwen hebben talent om het gezellig te maken en mensen een warm welkom te geven. Ze staan voor iedereen klaar met koffie, thee en een luisterend oor.
PR-mannen/-vrouwen zijn altijd in de weer met social media. Ze helpen door actief te communiceren over de activiteiten in de community. Ze schrijven, maken foto’s of filmpjes en houden in de gaten wat er leeft en speelt.
Vormgevers zijn ook belangrijk voor de PR. Zij kunnen alles vertalen naar aantrekkelijke beelden en de community zo naar een hoger plan tillen. 
Aan-elkaar-praters en gespreksleiders zijn goed in het begeleiden van bijeenkomsten. Ze faciliteren het proces waarbij de community leden aan het woord komen en er een prettige interactie plaatsvindt.

Er zijn vast nog meer rollen te bedenken. Misschien heb je een favoriete rol, maar waarschijnlijk vervul je meerdere rollen. Je kunt ook in de loop van de tijd van rol wisselen en nieuwe dingen leren en uitproberen. In de praktijk ontdek je waar je goed in bent en wat je leuk vindt om te doen.

De kerngroep kan zich in principe beperken tot de aanjagers en verbinders, want zij houden het vuurtje gaande en zijn in staat mensen op te sporen en uit te nodigen die verschillende rollen in de community kunnen vervullen. 

Dit wordt onderschreven door Cormac Russell die werkt volgens de principes van Asset Based Community Development (ABCD). Hij maakt onderscheid tussen ‘community builders’ en ‘community connectors’. De community builder is meestal een betaalde kracht van buiten af die voor langere tijd in een buurt aan de slag gaat. De community builder sluit aan bij wat er is en is samen met bewoners bezig om de vermogens van bewoners en buurt zichtbaar te maken voor de gemeenschap zelf en ze te benutten. Hij spoort de verbinders (de ‘community connectors’) in de gemeenschap op, ondersteunt hen en brengt hen met elkaar in contact. (meer informatie op nurturedevelopment.org)

Een betaalde kracht kan waardevol zijn als deze in staat is van onderop te werken, ten dienste van de community. De vraag is altijd wat er gebeurt na vertrek van de professional. Is het weefsel dat is ontstaan stevig genoeg om zich zelf in stand te houden of valt het na verloop van tijd weer uit elkaar? Dat zal per situatie verschillen. Communitybuilding is iets van lange adem en dan moet je eerder aan jaren denken dan aan maanden.

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Over aanjagers, verbinders, helpers en bouwers

Blaas het niet af

Van mensen die activiteiten organiseren, hoor ik regelmatig de vraag: ‘Zullen we het wel door laten gaan?’

Vol goede moed heb je iets gepland, maar als puntje bij paaltje komt zijn er allerlei redenen om te gaan twijfelen:

  • Er zijn nog zo weinig aanmeldingen
  • Het komt me niet zo goed uit
  • Zijn er genoeg vrijwilligers om te helpen op die dag?
  • Komen we uit de kosten?
  • Gaat het lukken?
  • Het weer gooit roet in het eten.

En dan besluit je de activiteit, waar vaak al heel wat voorbereiding in zit, af te blazen. Je laat de mensen die het aangaat weten dat het niet doorgaat en misschien voel je je wel opgelucht dat er een last van je schouders is gevallen. Maar het kan ook onbevredigend voelen en aan je knagen. Waarom hebben we niet doorgezet? Had het niet zus of zo gekund?

Ja, het kan best zus of zo! Hier een aantal manieren om de activiteit toch door te laten gaan:

  • Zet extra in op de werving. Haal al je creativiteit uit de kast om mensen te werven. Benader mensen persoonlijk, via via, via social media. Geef gratis kaarten weg, bedenk een lokkertje.
  • Neem genoegen met minder deelnemers en maak je plan wat kleinschaliger. Huur bijvoorbeeld een kleinere zaal voor je bijeenkomst of zet er minder begeleiders op. Misschien is de activiteit met een kleiner aantal deelnemers net zo waardevol. Grote evenementen zijn ooit klein begonnen. Kwaliteit is belangrijker dan kwaliteit.
  • Trek een eindsprint. In elk project komen tegenslagen voor. Dit is het moment om er een schepje bovenop te gooien en er voor te gaan vanuit een gezamenlijk commitment. Als het dan lukt is de voldoening extra groot.
  • Zorg voor een plan B bij een weersafhankelijke activiteit.

En dan kan het zomaar zijn dat er maar drie mensen komen opdagen bij een ideeënbijeenkomst, maar dat die wel alle drie met een gaaf plan komen waar vervolgens veel meer mensen bij betrokken raken.
Of dat er maar tien mensen meedoen met de buurtactie om bloembollen te planten, terwijl er 300 buren zijn uitgenodigd, maar ze wel in een paar uurtjes 5.000 bollen weten te planten. En ze ook nog met een grote foto in de krant komen.
Of dat er opeens zoveel mensen meedoen met een crowdfunding actie dat het einddoel ruim wordt overschreden.

En dan nog een tip bij een lage opkomst. Val de mensen die er wél zijn niet lastig met jouw teleurgestelde verwachtingen. Zij zijn gekomen! Geweldig! Wat fijn dat je er bent!

Wat zijn jouw ervaringen met afblazen of door laten gaan? Heb jij creatieve manieren bedacht om iets toch door te laten gaan? Laat het weten in je reactie.

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link
Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Blaas het niet af

Community building in kaart brengen

Op 1 juni was ik bij de Popeldag in Schiedam. Een inspirerende dag over community building volgens ABCD (Asset Based Community Development).

Ik volgde een workshop over het maken van een buurtkaart en ontdekte een nieuwe manier om verslag te doen van een project.  Een manier die beter recht doet aan de opbrengst van een community project, omdat het ingaat op de nieuwe relaties die ontstaan en waar dat allemaal toe kan leiden.

Ik was zo enthousiast dat ik zelf een buurtkaart heb gemaakt voor het project Pauzelandschap Potterspoort in Gouda. Mijn eerste vingeroefening vind je hieronder. Ik hoop hem nog eens te verbeteren en uit te breiden samen met iemand die goed kan tekenen….

 

 

 

 

 

 

 

 

Lees meer over mijn ervaringen in de workshop in de blog die ik hierover schreef voor de website van LSA bewoners: relaties en haakjes weergeven in een buurtkaart.

En wil je nog een ander voorbeeld zien van een buurtkaart, lees dan deze blogpost uit Gloucestershire: Ripples in Tewkesbury.

Probeer het ook eens om een project te tekenen waarin je mensen onderling verbindt en aan gebeurtenissen, locaties, groepen en organisaties.

Eén plaatje zegt meer dan 1.000 woorden.

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Community building in kaart brengen

Wees niet SMART

Laatst kreeg ik vragen van een actieve vrijwilliger naar aanleiding van mijn opmerking dat SMART werken dodelijk is voor je community. Wat versta ik dan onder SMART werken? Welke aspecten van SMART werken kunnen wel en wat is schadelijk voor een bruisproces? Hoe vermijd je het beste de valkuilen van SMART werken? Hoe ga je om met overheden die gewend zijn SMART te denken en te werken?

De afkorting SMART staat voor Specifiek Meetbaar Acceptabel Realistisch en Tijdgebonden en wordt vooral gebruikt binnen projectmatig werken. Het kan een handig hulpmiddel zijn om je project te definiëren. Met een SMART aanpak denk je dat je een vooraf bedacht goed resultaat krijgt. Met een minder SMART en meer organische aanpak, krijg je een resultaat wat vaak nog beter is, want je kunt tot laat in de uitvoering aanpassingen doorvoeren. Ook het eigenaarschap is bij een organische aanpak beter verankerd. Dat is belangrijk voor het vervolg van je project.

Ik kan dit het beste illustreren aan de hand van het voorbeeld van GOUDasfalt. Burgerinitiatief GOUDasfalt is gestart met een inspirerende visie op het terrein van de Asfaltcentrale in Gouda om te laten zien wat er allemaal mogelijk is. Dit is beschreven en geïllustreerd in het bidbook’ Samen maken we de stad. Ook zijn in die visie de belangrijkste waarden vastgelegd die ze op en met het terrein willen creëren. Gaandeweg wordt het terrein ingevuld in co-creatie met alle betrokkenen. Vanaf dag één dat de initiatiefgroep de sleutels kreeg van het terrein zijn concrete acties gestart zoals het schoonmaken van het terrein en het planten van bomen. Daarbij wordt veel gewerkt met wat zich aandient. Zo schonk een politieke partij zestig appelbomen en die vormen nu een boomgaard. Iemand kon een loods krijgen en nu staat deze blauwe loods op terrein. Er is een veerpontje gecrowdfund en dit vaart nu heen en weer. De gemeente bood onlangs een grote partij grond aan en nu wordt dit gebruikt om een groene wal te maken rond het terrein. Ook de bestaande gebouwen en installaties zijn opgenomen en hergebruikt op het terrein. Inmiddels zijn een stuk of tien ondernemers op het terrein actief en meer dan 200 vrijwilligers helpen mee.

Toen burgerinitiatief GOUDasfalt de plannen indiende voor het terrein was er ook een alternatief plan van Goudse ontwikkelaars. Zij wilden alles kaal maken, 6 miljoen investeren en hadden een kant-en-klaar plan voor de invulling. Reuze SMART, maar zonder enige betrokkenheid van de stad.

De gemeente Gouda heeft gekozen voor het plan van burgerinitiatief GOUDasfalt, juist vanwege de betrokkenheid van een grote groep mensen uit de stad. Dus vanwege de maatschappelijke meerwaarde. Stichting GOUDasfalt moest van de gemeente ook binnen een jaar een SMART business case neerleggen om aan te tonen dat ze het kunnen exploiteren. Dit is gelukt.

Ook een deelproject kan best SMART uitgewerkt zijn. Om terug te komen op het voorbeeld van de blauwe loods. Hier moest een bouwvergunning voor aangevraagd worden, er was geld nodig voor materialen en fundering, er werd een planning gemaakt. Er was behoefte aan duidelijke kaders en afspraken, anders kon er helemaal niet gebouwd worden.

Maar in het begin van een project is het belangrijk om stil te staan bij de ‘why’, wat wil je met elkaar creëren en waarom? Wie wil je hierbij betrekken en hoe zorg je dat iedereen mee kan denken, inbreng kan leveren en zich betrokken voelt? Zo zijn de betrokkenen bij GOUDasfalt ter inspiratie bij andere vergelijkbare projecten gaan kijken. Bij workshops en ‘stadslabs’ kon iedereen mee denken. Bij opschoon- en plantacties kon iedereen de handen uit de mouwen steken. Bij community building werk je vaak met een globaal eindresultaat en steeds een concrete eerstvolgende stap.

Ook de overheid is volop bezig om andere manieren van werken toe te passen. Participatie is een van de pijlers onder de nieuwe omgevingswet. De tijd is voorbij dat plannen en projecten achter het bureau van een ambtenaar worden bedacht (al realiseert nog niet iedereen zich dit….). Oude systemen brokkelen langzaam af en maken plaats voor nieuwe werkwijzen. Van top-down naar bottom-up en van verticaal naar horizontaal. Dat betekent sturen op het proces in plaats van op de inhoud en aansluiten bij wat zich aandient.
Zoek binnen de overheid samenwerkingspartners die openstaan voor leren en experimenteren. Samen het avontuur aangaan! Niet zo SMART, wel zo leuk!

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link
Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Wees niet SMART

Hoe bestuur je een community?

Deze vraag stond op 13 februari 2018 centraal tijdens een avond van Stadsdorp de Pijp. De Ideeënbrouwerij was gevraagd om de bijeenkomst te begeleiden.

De Stadsdorpen zijn in 2010 in Amsterdam ontstaan als vorm van modern nabuurschap. Inmiddels zijn er 25 van deze buurtcommunities en omdat ze van onderop zijn ontwikkeld zijn ze allemaal verschillend van karakter.

Stadsdorp de Pijp is een levendige vereniging met 140 leden. Voorzitter Titia: ‘Wat ons verbindt is dat iedereen graag oud wil worden in zijn eigen buurt.’ Kleine groepjes organiseren hun eigen ontmoetingsactiviteiten, zoals Samen Eten, Wandelen, Lezen, Puzzelen, Filmmiddag en Stadsdorpborrel. Ook zijn er groepen die Vraag & Aanbod koppelen, thema-avonden en inloopbijeenkomsten organiseren en elkaar ontmoeten in zogenaamde ‘Binnenbuurten’.

Stadsdorp de Pijp bestaat nu 4 jaar en heeft zichzelf op de kaart gezet. De gemeente en andere partijen zien het Stadsdorp als serieuze gesprekspartner en vragen hun mening over actuele onderwerpen zoals het aanbod van seniorenwoningen, zorginkoop en woningaanpassingen.

Hier wringt de schoen… Veel van deze vraagstukken komen bij de leden van het bestuur terecht. Dit vraagt extra inzet voor de vier bestuursleden die, op de voorzitter na, al sinds de oprichting actief zijn en zich juist wat willen terugtrekken. Nieuwe bestuursleden zijn lastig te vinden en in hoeverre is een bestuur eigenlijk gelegitimeerd om ‘namens het Stadsdorp’ te spreken?

Mensen die in een bestuur zitten, zullen dit vast herkennen. Voor andere partijen is het reuze handig om een gesprekspartner te hebben die namens een groep kan praten. Maar als een woningbouwcorporatie met een bewonerscommissie praat, hoort ze dan de mening van de huurders? Het vergt wat meer om dit proces goed te organiseren.

Rond dit vraagstuk kwam zo’n 25 Stadsdorpers bijeen tijdens een Bruisavond.
Hoe kunnen we belangenbehartiging als Stadsdorp anders en slimmer organiseren? Hoe zorgen we dat dit bij een bredere groep komt te liggen dan alleen de bestuursleden? En welke onderwerpen hebben prioriteit?

Om iedereen hier gelijkwaardig over mee te laten denken is al een belangrijke eerste stap: samen nadenken over een meer community-achtige werkwijze.

De oplossingen die naar voren komen lijken praktisch en uitvoerbaar:

  • subgroepen per thema, op de avond zijn prioriteiten benoemd en hebben zich enkele kartrekkers aangemeld
  • enkele keren per jaar een breed overleg met een afvaardiging vanuit de bestaande werkgroepen, de themagroepen kunnen dit inhoudelijk voorbereiden.
  • via de nieuwsbrief en sociale media naar alle leden communiceren over de onderwerpen

Het bestuur stapt hiermee af van de inhoud en richt zich meer op het proces van een zelfsturende community. Het bestuur is niet sturend maar vooral faciliterend, stimulerend en verbindend. Zo hou je het plezier erin en bereik je meer.

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link
Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , | Reacties uitgeschakeld voor Hoe bestuur je een community?

Wat zit er achter de voordeur?

Onlangs was ik op zoek naar afbeeldingen over community building en kwam ik dit plaatje tegen.
Dit is de manier hoe ik graag naar de stad en de buurt kijk. Het gaat hier niet over organisaties, projecten en systemen maar over de mensen die er wonen. Het is reuze interessant wat er ‘Achter de voordeur’ zit aan talenten, capaciteiten en interesses.

Bron: http://www.penmendonca.com/portfolio/skills-for-care/

Deze illustratie is in 2013 gemaakt door Pen Mendonça, Jim Thomas en Melanie Henwood als onderdeel van een project dat een talent gebaseerde benadering hanteert. Pen Mendonça is een onafhankelijke grafische designer met achtergrond in GGZ en ouderenzorg. Ze gebruikt Values-Based Cartooning om de aanwezige kansen en hulpbronnen van mensen en buurten te vertalen naar beeldtaal.

Het is jammer dat mijn tekentalent niet ontwikkeld is, want anders had ik nu ook zo’n plaatje gemaakt. Ik ken zoveel mensen die op een bijzondere manier een bijdrage leveren:

  • gaat wekelijks wandelen met de buurvrouw die MS heeft
  • weet alles over de historie van de stad

    We zijn allemaal Wally…

  • is actief voor de reuma patiëntenvereniging
  • organiseert muziek evenementen
  • runt een buurthuis
  • is goed met sociale media
  • is stadsdichter
  • heeft een Straatbieb
  • ruimt zwerfafval op
  • is taalmaatje
  • heeft groene vingers
  • organiseert huiswerkbegeleiding

En ga zo maar door…..

Hoe rijk zijn we als we op deze manier naar onze stad of buurt kijken. En hoe uitnodigend om ook jezelf op deze kaart te zetten, hoe groot of hoe klein jouw bijdrage ook is. Een ‘Waar is Wally’, maar nu zijn we allemaal Wally, want iedereen is bijzonder!

Tegenwoordig hebben we hier handige online platforms voor. Op goudabruist.nl kan iedereen een profiel aanmaken en daar organisaties en activiteiten aan koppelen en op de website goudvoorelkaar.nl wordt vraag en aanbod van vrijwilligers aan elkaar gekoppeld. In bijna elke gemeente zijn wel dit soort online platforms te vinden.

Toch is het leuk om gewoon eens met elkaar zo’n ‘talentenkaart’ te maken. In het verleden hebben we met Gouda Bruist een initiatievenkaart gemaakt. Lekker samen in de weer met kwasten en verf.

Het maken van dit soort kaarten is onderdeel van Asset Based Community Development (ABCD). Wie een community op wil bouwen, gaat eerst op zoek naar de ‘assets’ (kwaliteiten) in de buurt, die onder andere bestaan uit individuele talenten en vaardigheden van bewoners. ‘Everyone has gifts’ is een van de uitgangspunten van ABCD.

Ook in de BRUISmethode ligt het startpunt altijd bij het potentieel wat al aanwezig is. Van daaruit kun je gaan bouwen en verbinden.

Het samen maken van zo’n kaart is een mooie manier om nog meer talenten te ontdekken. Ik denk dat ik begin bij de tekenaars……

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link
Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Wat zit er achter de voordeur?

Samen leren werken

Hoe kan de gemeente beter omgaan met initiatieven uit de stad? En wat kunnen ambtenaren en initiatiefnemers leren van elkaar?

Een van de adviezen die ik her en der tegenkom in aanbevelingen aan ambtenaren is: ‘Neem de burger serieus.’ Ik vind het een raar advies. Het werk dat de gemeente doet staat ten dienste van de inwoners. Hoe zou je dit kunnen doen zonder hen serieus te nemen?

Het is interessanter om te bekijken hoe je serieus en constructief met elkaar kunt samenwerken. Dat doet de gemeente Utrecht waar initiatiefnemers en ambtenaren aan nieuwe vormen van samenwerking werken in het leertraject Samen leren en werken aan de stad.

Afgelopen vrijdag volgde ik een workshop hierover tijdens de Dag van de Lokale Democratie. Als casus gebruiken we het bewonersinitiatief om de Oosterspoorbaan om te vormen tot een stadspark. In een rollenspel ga ik hierover als bewoner met de gemeente in gesprek.

In de eerste ronde gebeurt dat zonder voorkennis. In de tweede ronde van het spel krijgen we de opdracht om onderstaande leerpunten uit het traject toe te passen:

  • Werk vanuit gelijkwaardigheid. Bekijk wat gemeente en initiatiefnemer voor elkaar kunnen betekenen. Praat over wat er wel kan.
  • Kies voor vertrouwen en investeer in een duurzame relatie. Kijk eens door elkaars bril naar de situatie. Ga bijvoorbeeld als initiatiefnemer op de stoel van de vergunningverlener zitten. Wat vind je dan van het initiatief? En leef je als ambtenaar in, in het perspectief van de inwoner die al zijn energie en tijd stopt om een project voor elkaar te krijgen.
  • Zorg voor direct contact. Stuur niet alleen mails, maar spring op de fiets, bezoek bijeenkomsten en bel elkaar. Laat het ook weten aan elkaar als er geen voortgang is.
  • Wees helder over rollen en verantwoordelijkheden. Breng het krachtenveld in beeld. Benoem waar je goed in bent, wat je wilt bereiken en wat je wilt doen.
  • Ga open en eerlijk met elkaar in gesprek.

Je merkt dat je met deze uitgangspunten sneller tot elkaar komt.

Naast deze leerpunten zijn er aanbevelingen waar de gemeente Utrecht nog verder aan werkt.

Een mooi idee is de ‘ontknoping’, een tafel waar snel knopen doorgehakt worden. Zodat duidelijk is wat initiatiefnemers wel en niet van de gemeente kunnen verwachten.

Ook wordt binnen de gemeente onderzocht hoe de maatschappelijke waarde meegewogen kan worden bij initiatieven.

Hier wordt ‘serieus’ samengewerkt en hopelijk kunnen we hier in de toekomst nog meer van leren.

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link
Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , | Reacties uitgeschakeld voor Samen leren werken

Community building met de 7 principes van ABCD

Wat kunnen we leren van ABCD?

ABCD staat voor Asset Based Community Development en is in de Verenigde Staten ontwikkeld door John McKnight en Jody Kretzmann als aanpak voor gemeenschapsvorming in buurten. Doel is zoveel mogelijk zelfsturing van lokale gemeenschappen, want ABCD gaat ervan uit dat gemeenschappen/buurten in staat zijn om de meeste problemen en vragen waarmee ze geconfronteerd worden zelf op te lossen.

De ‘assets’ van een wijk bestaan uit:

  • vaardigheden en talenten van individuele bewoners
  • kracht van lokale verenigingen
  • mogelijkheden van organisaties en bedrijven als partners
  • lokale fysieke en economische kansen
  • gedeelde verhalen, cultuur en geschiedenis van de buurt.

Jim Diers heeft jarenlang ervaring met toepassing van ABCD in Seattle. Hij is hoogleraar sociaal werk en reist over de hele wereld om lezingen en cursussen te geven over ABCD. Hij geeft ook regelmatig workshops in Nederland en het is een plezier om hem te ontmoeten. Een hartelijke en bevlogen man, met een aanstekelijk enthousiasme.

In een filmpje op YouTube geeft hij uitleg geeft over de 7 principes van ABCD.

De principes herken ik in het werken met de BRUISmethode. Welke pas jij toe in je werk of de initiatieven waar je mee bezig bent?

Ontmoeting met Jim Diers tijdens de ABCD Popeldag 2016

Hieronder een vrije vertaling van de 7 principes van ABCD:

  1. Plezier als motor om samen te werken:
    Hoe kun je verwachten dat mensen naar vergaderingen komen als ze hun tijd ook kunnen doorbrengen met televisie kijken of Facebook. Deelname aan community activiteiten moet vooral leuk zijn. Eén van de gevleugelde uitspraken is dan ook: ‘Why have a meeting, when you can have a party.’
  2. Begin bij de mensen zelf
    Ga als community builder naar bewoners toe, naar hun straat of buurt. Praat hun taal en sluit aan bij hun cultuur. Sluit je aan bij hun netwerken en verenigingen in plaats van ze in jouw netwerk te willen krijgen. Vraag naar hun wensen, interesses en ideeën. Benader mensen op verschillende manieren en bouw een relatie op.
  3. Zichtbare resultaten
    Bewoners moeten ervaren dat hun collectieve bijdrage een verschil maakt, dat het daadwerkelijk zin heeft om te participeren. Als ze kleine successen behalen is dit een stimulans om door te gaan en grotere uitdagingen aan te pakken.
    ‘People are never going to work on big issues if they don’t think they even can make change in their own block.’
  4. Focus op talenten en capaciteiten, niet op tekortkomingen
    We labelen mensen voortduren op wat er ontbreekt: werkloos, eenzaam, gehandicapt, arm, kwetsbaar. Hierdoor worden ze klanten van de verzorgingsstaat in plaats van bewoners die een bijdrage kunnen leveren aan de gemeenschap.
    Jim Diers: ‘Everybody has gifts’.
    Hij maakt onderscheid tussen 3 soorten bijdragen:
    – hoofd: kennis en ervaring
    – handen: vaardigheden
    – hart: passies, interesses, dromen
    Een gemeenschap ontstaat als mensen kunnen halen en brengen.
  5. Collectief leiderschap
    ‘Lead by stepping back’.
    Als community builder maak je ruimte voor anderen om taken op zich te nemen. Dit betekent dat je accepteert dat niet alles op jouw manier gaat.
  6. Waardeer actieve bewoners
    Er zijn onzichtbare helden die bergen werk verzetten voor de gemeenschap. Zet actieve bewoners in het zonnetje. Dit stimuleert hen om door te gaan en inspireert anderen.
  7. Deel verhalen
    Wat hebben mensen kunnen bereiken in hun buurt met inzet van aanwezige talenten en middelen? Hoe hebben ze dit aangepakt en tot een succes gemaakt? Het draait in de communicatie te vaak om cijfers terwijl verhalen veel meer zeggingskracht hebben en anderen kunnen inspireren om het voorbeeld te volgen.

Wil je meer weten over ABCD? Veel informatie is te vinden op de Engelse website nurturedevelopment.org. In Nederland is er de groep wijzijnabcd.nl die leert van en met elkaar hoe de principes van ABCD toegepast kunnen worden. Jaarlijks is er een ‘ABCD Popeldag’ voor iedereen die werkt/ wil werken met ABCD.

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link
Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , | Reacties uitgeschakeld voor Community building met de 7 principes van ABCD

Mag ik dan bij jou

Een mooi voorbeeld van verbinding was de Arabische muziek- en filmavond afgelopen vrijdag in theater Concordia in buurgemeente Haastrecht.

De zaal zit werkelijk bomvol. Op het laatst worden snel nog wat stoelen bijgeplaatst om iedereen van een zitplaats te voorzien. Initiatiefneemster Marielle Azim is er met hulp van Krimpenerwaard intercultureel en theater Concordia in geslaagd een gemêleerd publiek aan te trekken met ongeveer evenveel mensen van Nederlandse als van Arabische herkomst. Het is warm in de zaal en de sfeer draagt daar aan bij. Op het programma staat een optreden van de Syrische zangeres Shaza Hayek.

Zij zong in de opera van Damascus en kwam twee jaar geleden naar Nederland. Het publiek klapt mee en na elk nummer krijgt zij een daverend applaus. De tekst is voor ons onverstaanbaar maar de sfeer en emotie komt binnen.
De Nederlandstalige helft van de zaal wordt nog dieper geraakt als ze ‘Mag ik dan bij jou’ van Claudia de Breij in het Nederlands zingt. Alles komt samen in dit nummer: het verbinden van twee landen en twee werelden, de troost voor hen die gevlucht zijn uit hun thuisland, de ontroering van het liedje en de gevoelige manier waarop Shaza dit zingt met haar zware accent en arabeske toonbuigingen. De avond kan niet meer stuk.

Na het muziekoptreden kijken we samen naar de Arabischtalige en Nederlands ondertitelde film the Idol. The Idol vertelt het waargebeurde verhaal van Mohammed Assaf, de Palestijnse zanger die in 2013 zijn droom werkelijkheid zag worden toen hij de talentenjacht Arab Idol won. De nu 25-jarige Assaf reisde vanuit het vluchtelingenkamp in de Gazastrook naar Egypte om mee te doen aan het televisieprogramma. Het kostte hem twee dagen om ongezien door grenscontroles te komen. Daardoor was hij te laat voor de audities. Toen Assaf in de lobby van het hotel begon te zingen, werd besloten dat hij alsnog auditie mocht doen.
Een ontroerende film die qua sfeer wat weg heeft van ‘slumdog millionaire’. Behalve door de inhoud van de film word ik ook hier geraakt door de spontaniteit waarmee het publiek van Arabischtalige herkomst reageert op de film. Als Mohammed Assaf steeds verder komt in de finale rondes wordt steeds vaker geklapt en meegezongen. Wat zijn wij als Nederlanders toch stijfjes, constateren we na afloop.

Een prachtig initiatief, deze interculturele Arabische avond. Muziek verbindt. Houd je zakdoek klaar en luister via You Tube naar de vertolking van Shaza Hayek van Mag ik dan bij jou.

Heleen van Praag is community builder bij de Ideeënbrouwerij en auteur van Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders. Zij schrijft regelmatig blogs over community building.
Abonneren kan via deze link

 

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Mag ik dan bij jou

Zo kan het ook

deel 2 Familieparticipatie en communitybuilding in het verpleeghuis

In een eerder blog Zo kan het niet langer, schreef ik over het gebrek aan verbinding tussen bewoners, familie en verzorgers, op de verpleeghuisafdeling waar mijn moeder verbleef.
Hoe zorg je dan voor meer verbinding en saamhorigheid? Dat blijkt verrassend eenvoudig te zijn.

De eerste ontmoeting
Eind november 2016 heb ik voor de familie een ideeën- en ontmoetingsbijeenkomst georganiseerd. Op deze avond waren we alleen met de familie- en mantelzorgers bij elkaar en enkele mensen van de zorg. Dus zonder de bewoners zelf. Het verpleeghuis zorgde voor een ruimte en voor koffie en thee.
De zorgcoördinatoren waren blij verrast over de hoge opkomst. Dat hadden zij nog niet eerder meegemaakt. Volgens mij komt dat, omdat de uitnodiging kleinschalig en persoonlijk was. Mensen voelen zich dan eerder aangesproken.
Het werd een mooie bijeenkomst. De meeste bewoners die op de afdeling verblijven zijn dementerend. Tijdens de kennismaking hoorden we van de familie wat iemand deed en hoe iemand leefde voor hij ziek werd. Dat leverde verrassende en ontroerende verhalen op.

Ideeën brouwen
Daarna gingen we met elkaar ideeën brouwen over de volgende vragen:
– hoe raken we als familie meer betrokken/ meer thuis op de afdeling?
– hoe maken we het prettiger voor de bewoners?
– hoe kunnen we zelf een steentje bijdragen?
Verschillende mensen merkten op dat er vanuit het verpleeghuis al veel activiteiten georganiseerd worden voor de bewoners. Een compliment dus voor de zorg!

Kleine initiatieven
Tijdens de avond zijn verschillende ideeën geopperd en inmiddels al opgepakt:
– een tante die liedjes zingt met de bewoners
– ophangen van vogelhuisjes met vogelgeluiden
– een map met een A4 van elke bewoner met foto’s en een beschrijving van diens werk, hobby’s, activiteiten en de familiesituatie. Iedereen kan de map bekijken en een kopie van het blad hangt in de kamer van elke bewoner. De verzorgenden hebben daardoor meer aanknopingspunten voor een gesprek of activiteit.
Ook zijn er ideeën om gezamenlijk te gaan wandelen, een platenspeler mee te nemen en platen te draaien, spelletjes te doen en een snoezelkamer in te richten.

Online communicatie platform
Een wens die iedereen deelde was om de onderlinge communicatie te verbeteren op de afdeling. Hier is nu ook een goede oplossing voor. We gebruiken het online systeem familienet.nl. Het is mooi als de zorginstelling Familienet faciliteert, maar je kunt dit ook als particulier in gebruik nemen, tegen relatief lage kosten. Familienet is opgezet voor het familie- en zorgnetwerk rond een ‘cliënt’, maar we hebben ontdekt dat het ook te gebruiken is voor het familie- en zorgnetwerk rond een afdeling. We kunnen nu gemakkelijk berichten, foto’s en activiteiten met elkaar delen.

BRUISmethode voor community building
Het model uit de BRUISmethode voor community building blijkt ook hier goed te werken. Met die ene bijeenkomst hebben we alle vier de elementen gecombineerd (zie afbeelding). Er was een ontmoeting met ideeën. Dit heeft geleid tot initiatieven en een online ontmoetingsplek. En van het een komt weer het ander, een systeem, dat zichzelf verder organiseert.

Wat daarnaast helpt is dat de zorgcoördinatoren familieparticipatie een warm hart toedragen en alle mogelijke steun verlenen.

‘Zo kan het niet langer’, wordt nu ‘Zo kan het ook’.

Meer weten? Bestel Bruisen, Brouwen, Binden! – handboek voor lokale community builders of neem contact op met heleen@ideeenbrouwerij.nl

Geplaatst in Geen categorie | Getagged , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Zo kan het ook